Overvoeding overlaadt de genen
|
De helft van de Nederlandse bevolking is nu al te zwaar, en volgens de cijfers blijft de situatie verslechteren. Vooral jongeren hebben een levensstijl waar artsen van gruwen. De vetzuchtepidemie woekert verder. In het laboratorium zoeken hoogleraar Michael Müller en zijn zeventienkoppige groep naar een oplossing. In het menselijk genoom.
Als mensen chronisch meer eten dan goed voor ze is, kan het ‘metabool syndroom’ ontstaan. ,,Daarbij zijn de vetzuurspiegels in het bloed voortdurend licht verhoogd’’, vertelt Müller. ,,Net als de concentraties suikers en het hormoon insuline, dat suikers de weefsels in moet loodsen. Op een gegeven moment verliezen de cellen het vermogen om met die overvloed aan voedingsstoffen om te gaan. Ze worden doof voor insuline. Vroeger noemden we dat ‘ouderdomssuikerziekte’. Die term hebben we vervangen door diabetes type-2. Door de epidemie van zwaarlijvigheid krijgen tegenwoordig mensen van twintig al diabetes. Artsen vinden soms bij kinderen van twaalf de eerste voortekenen.’’
Medicijnen voorkomen dat de patiënten overlijden, maar de kans op ziekten als aderverkalking en kanker blijft hoog. Voor Müller en zijn groep ligt het accent daarom op preventie. ,,We zoeken naar het punt waarop cellen het metabool syndroom gaan ontwikkelen, maar nog niet hebben’’, zegt Müller. ,,Het traject waarin medicijnen nog niet nodig zijn, en we door veranderingen in dieet de ontwikkeling nog in een goede richting kunnen ombuigen. Als we door tests zouden kunnen zien of iemand in de gevarenzone zit, zouden we al een stap verder zijn.’’
Schakelaar
Müller hoopt het kritieke gebied te kunnen opsporen door het gebruik van
genomics: de wetenschap van het op grote schaal meten van de activiteit van
genen. Sinds het voorjaar van 2003 beschikken Müller en zijn groep over
apparatuur die het complete DNA van mensen en muizen kan monitoren. Door proeven
met dieren en cellen in reageerbuizen hoopt de groep het kritieke gebied beter
in beeld te krijgen.
De speciale aandacht gaat uit naar een schakelaar in de celkern, die wel eens een sleutelrol zou kunnen spelen in het metabool syndroom. Die schakelaar heet voluit peroxisome proliferator-activated receptor, maar onderzoekers noemen hem PPAR (spreek uit: piepar). Die schakelaar gaat over als er vetzuren in de buurt zijn. Levercellen gaan dan vet verbranden. PPAR verklaart misschien waarom onverzadigde vetzuren, zoals die uit vis, zo gezond zijn. Ze koppelen, beter dan de vetzuren uit verzadigd vet, aan het PPAR-molecuul. ,,Je verbrandt meer vet als je meer onverzadigde vetzuren in je dieet hebt’’, verduidelijkt Müller.
Een ander aspect dat Müllers groep bestudeert is het optreden van ontstekingsprocessen door overvoeding. Bij overvoeding maakt het immuunsysteem ontstekingseiwitten aan, die het lichaam eigenlijk gebruikt om ziektekiemen te doden. Diezelfde eiwitten lijken zich echter bij overvoeding tegen het lichaam te keren, en een rol te spelen bij het ontstaan van diabetes en aderverkalking. De aanmaak van die eiwitten wordt hoger tijdens het ouder worden.
Dieet
Veroudering en chronische overvoeding kunnen dan ook leiden tot ziekten en het
uitvallen van functies van cellen. Deze link tussen teveel voeding en ontsteking
kan waarschijnlijk ook verklaren waarom dieren langer leven als ze weinig
calorieën binnenkrijgen, zegt Müller. ,,Als je het erfelijk materiaal van oude
en jonge muizen met elkaar vergelijkt, dan zie je dat de genen voor
ontstekingseiwitten bij de oude dieren harder werken, en de genen die
beschermende stoffen aanmaken juist minder. Maar zet je die oude dieren op een
dieet met weinig calorieën, dan gaat hun genoom meer op dat van jonge dieren
lijken.’’ Proefdieren, die licht ondervoed zijn, leven daarom veertig procent
langer dan dieren die voldoende te eten krijgen.
De tijd is rijp om de genomics op een hoger plan te brengen, vindt Müller.
Hij voegt daar in één adem aan toe dat er aan nutrigenomics nog teveel science
fiction kleeft. ,,Genetische paspoorten die aan de hand van jouw DNA berekenen
hoe je moet eten, zijn echt hele verre toekomstmuziek’’, zegt Müller. ,,Zover
zijn we nog lang niet.’’ Müllers doelen bevinden zich dichter bij de aarde.
,,Door dit onderzoek kunnen we nieuwe targets vinden waar stoffen in de voeding
op aangrijpen. Daardoor kunnen we achterhalen hoe we het voedingsonderzoek
preciezer sturen.’’ Daarmee is de nutrigenomics interessant geworden voor
voedingsconcerns die functional foods willen ontwikkelen. ,,Het is tijd om de
industrie voor dit onderzoek te gaan interesseren’’, zegt Müller. Misschien
geven de overheden in Brussel en Den Haag hem daarbij binnenkort een steuntje in
de rug. Het centrum voor Humane Nutrigenomics, waar Müller in participeert,
heeft voorstellen ingediend bij het Zesde Kaderprogramma van de EU en het fonds
ICES-KIS van de nationale overheid.
Willem Koert
Resource is het kwartaalblad voor de externe relaties van Wageningen Universiteit en Research Centrum. Willem Koert is freelance medewerker.