Nutrition, Metabolism & Genomics Group
 Nutrigenomics Lab
(Head: Prof. Dr. Michael MŘller)

HomeNutrigenomicsResearchPublicationsPeopleStudentsLinksNews

 


Michael MŘller @ WURk  Interview Intranet WUR do 18-08-2011

Wat houdt je werk in?
Ik ben eindverantwoordelijk voor het onderwijs en onderzoek van onze nu tien jaar oude leerstoelgroep. In 2000 was het humane genoom-project net voltooid en was men zeer ge´nteresseerd in de individuele effecten van voeding. Sindsdien is er heel veel bereikt. We publiceren nu in vakbladen waar men vroeger bij voeding niet aan dacht, zoals Cell Metabolism, Cancer Cell en recent in Nature. We zijn ÚÚn van de topgroepen op het gebied van het moleculaire voedingsonderzoek en nutrigenomics, maar er komt ook steeds meer concurrentie. Dat is goed, want samen kunnen we meer bereiken.
Wij onderzoeken de complexe mechanismen achter voeding en gezondheid door gebruik te maken van moderne genomicstechnieken. In het TI Food and Nutrition doen wij ook toegepast onderzoek op onderwerpen die belangrijk zijn voor voedingsbedrijven. We zitten nog ver van een directe toepassing voor de individuele consument. ‘Geef me je genenpaspoort, en ik zeg wat je nodig hebt voor een optimale gezondheid’, is nog toekomstmuziek. Wel meten en weten we steeds meer over verhoogde gezondheidsrisico’s door een niet-optimaal voedingspatroon of over nieuwe strategieŰn voor succesfull aging, maar gezond blijven is in de eerste plaats je eigen verantwoordelijkheid.
Gezonde voeding en een gezonde leefstijl zijn krachtige middelen, maar men wil liever een pilletje of een medisch advies om gezond te blijven. Wij kunnen de wetenschap gebruiken om alternatieven te ontwikkelen die lekker, aantrekkelijk en tˇch gezond zijn. Ook kunnen we consumenten bewust maken van hun keuzes door projecten als EetMeetWeet. De data uit dit project gebruiken wij weer voor ons moleculaire voedingsonderzoek.

Wat vind je het leukst aan je werk?
Mijn vakgebied kent heel veel ervaringsdeskundigen. Het is belangrijk om hen te bereiken met de boodschap dat voeding niet alleen dagelijks, maar zelfs levenslang impact heeft op je gezondheid. Het frustrerende is dat je vaak de mensen bereikt die al bewust met voeding bezig zijn. De ‘kiloknallerkopers’ bereik je vaak niet.
Het onderwerp voeding is zeer boeiend en ik heb in die tien jaar nooit enig moment van verveling ervaren.

Waar heb je een hekel aan?
Hekel is een beetje sterk, maar ik vind het jammer dat er steeds minder ruimte is voor fundamenteel ‘high-risk’ onderzoek, de basis voor innovatie. Als onderzoeker ben je gedreven door nieuwsgierigheid. We moeten niet elk project afrekenen naar wat het heeft opgeleverd. Door onze wetenschappelijke bevindingen, blijven wij als partner attractief voor het bedrijfsleven en voldoen wij uitstekend aan het motto ‘science for impact’. Wij doen hier in Wageningen voedingsonderzoek van cel- tot populatieniveau, van moleculair mechanistisch tot epidemiologisch, met diermodellen en met vrijwilligers bij humane interventiestudies. Die combinatie maakt ons uniek en trekt studenten.

Op welke termijn zijn epigenetica en nutrigenomics lucratief
Nadat we veel bottlenecks en valkuilen op ons vakgebied hebben ge´dentificeerd, weten we veel beter wat robuust is en nu al toepasbaar. We denken ook na over businessmodellen om ons nutrigenomicsonderzoek toe te passen. Vanuit de epigenetica weten we dat ons lichaam flexibel is en zich aanpast aan de omstandigheden. In onze genen zit de potentie om met elke nieuwe uitdaging om te gaan. Maar eet je steeds hetzelfde, vooral in een vroege fase in je leven, dan zet dat patroon zich vast en word je als het ware op die omstandigheid geprogrammeerd. Dat blijkt bij onderzoek van kinderen die geboren zijn na de hongerwinter. Er zijn veel verschillende epigenetische mechanismen die ons lichaam flexibel houden.
Methyleringsprocessen zijn vaak irreversibel en dragen bij aan het ‘geheugen’ van het genoom. Alles wat wij doen laat sporen achter en sommige zijn irreversibel. Wij bestuderen nu hoeveel van deze epigenetische veranderingen bijdragen aan een versnelde, niet gezonde veroudering en hoe je door optimale voeding en leefstijl gezond oud kan worden. Je genen kun je niet veranderen, maar je kunt rekening houden met je epigenetische programmering.
Hoe we die kennis te gelde kunnen maken? We moeten die kennis meenemen in het beleid. Gezond zijn en gezond ouder worden begint bij kinderen. Tot je 18e jaar wordt het lichaam gevormd en de rest is onderhoud. Daarom moet je preventief gezonde voeding aantrekkelijk en lekker maken voor kinderen. Je zou op basis van je genetische paspoort voedingsadviezen op maat kunnen geven.
Onze kennis over genetica en voeding is ook interessant voor voedingsbedrijven. De gezondheidsclaims die zij aanvragen voor bepaalde producten, worden vaak verworpen door de EFSA. Wij kunnen mensen in subgroepen verdelen, bijvoorbeeld op basis van hun microbiota samenstelling in de darmen of andere biomerkers voor gezondheid. Als je met deze gestratificeerde groepen interventies uitvoert, zijn gezondheidseffecten misschien steekhoudend aan te tonen.  

Wat hoop je over tien jaar bereikt te hebben?
Ik hoop dat nutrigenomics dan nˇg meer ge´ntegreerd is in het voedingsonderzoek en dat we studies uitvoeren met mensen waarvan we genoominformatie hebben. Dat is technologisch al mogelijk. Met behulp van nanotechnologie kan je al heel veel meten in kleine hoeveelheden (lichaams)vloeistoffen. Je kunt dus snel bepalen of iets werkt. Voedingsexperts kunnen mensen een range meegeven waarbinnen hun metingen moeten blijven als ze gezond zijn. De technische snufjes hiervoor bestaan al. Wij kunnen dan meer evidenced based onderzoek doen en de mensen kunnen hun gezondheid beter monitoren. Ik wil mensen beslist niet de hypochondrie induwen, maar het kan goed zijn als motivatie voor een gezonde leefstijl om bepaalde parameters te weten door ze regelmatig te meten.

Kijk je door je werk anders naar de wereld?
De afgelopen tien jaar heb ik geleerd dat er veel waarheid zit in ‘Je bent wat je eet’. Dat heb ik ook aan den lijve ondervonden toen ik drie jaar geleden anders ben gaan eten en meer ben gaan bewegen. Ik voel me daar prettiger bij. We eten veel uit eigen tuin. Eigenlijk zou je, als de oogst een keer mislukt, ook een keer minder moeten eten, net als vroeger.

Wat doe je in je vrije tijd?
Mijn werk is mijn hobby, maar ik hou ook van hardlopen en geniet van voetballen samen met mijn zoon en dochter. Een andere hobby is twitteren over ons onderzoek. Dat doe ik al twee jaar, want ik geloof in het belang van de aanwezigheid van de wetenschap op de sociale media. Het dwingt ons om up-to-date te blijven en mijn followers (meer dan 2300, red.) geven mij ook interessante informatie terug. Ook verzamel ik keramiek, waarbij ik vooral ge´nteresseerd ben in de diversiteit aan glazuren. Een biografie schrijven over Lea Halpern, de ‘Van Gogh onder de Nederlandse pottenbakkers’, staat nog op mijn lijstje.

Netherland Nutrigenomics Centre Follow nutrigenomics on Twitter